Nine Eleven

| Geen reacties

Het blijven fascinerende beelden. De brute kracht van de inslagen, de onpeilbare hoogte der torens, de vertwijfeling van de mensen, de discipline van de brandweerlieden, de woeste vlammenzee, de kolkende rookkolommen, de chaotische berichtgeving, het ongeloof van politici en het resultaat: drie duizend doden die zo volkomen verpulverd zijn dat je er niets van terugvindt.

Het weekeinde stond in het teken van de moordende aanslagen op Amerika tien jaar geleden. Zendgemachtigden rolden over elkaar om de meest spectaculaire beelden te tonen. De speelfilm United 93, waarin de ondergang van een der gekaapte vliegtuigen wordt weergegeven, werd maar liefst drie keer de ether ingestuurd. Een beetje overdreven, want alle drie films liepen op dezelfde manier af.

Speelfilms zijn prima, maar mijn voorkeur gaat uit naar het echte werk: de talloze fragmenten in beeld en/of geluid, gemaakt door professionals en amateurs. Gelukkig is iemand op het idee gekomen een beeldbank op te richten om zoveel mogelijk materiaal van toen te verzamelen en veilig te stellen. Zo kan er ook over vijftig jaar nog eens onderzoek worden gedaan.

Het kan nauwelijks anders, of je ondergaat de lawine met een mengsel van medeleven, machteloosheid, boosheid en verbijstering. Alleen al het gegeven dat veel is gefilmd midden in de chaos, wekt de indruk zelf deel uit te maken van de gebeurtenissen. Je rent mee met de vluchtende burgers, overziet het slagveld als een politieman, marcheert met de door duistere voorgevoelens bekropen brandweerlieden richting brandhaard.
De documentaire 102 Minutes that changed America zit heel goed in elkaar, niet alleen qua beeld, geluid en format, maar ook wat betreft de emoties die hij oproept. Nergens komen frustraties in de Arabische wereld aan de orde, of het geweld waarmee Amerika haar buitenlandse affaires pleegt te regelen. Er is geen twijfel. Dit is een wrede en verraderlijke aanslag, alleen te vergelijken met Pearl Harbour.
Waar de aanslagen voor Al Qaida bedoeld waren om via nota bene de Amerikaanse media de aandacht van de wereld te trekken, is 102 Minutes een staaltje vakmanschap dat warme sympathie voor de Amerikanen oproept. De wal keert het schip, tenminste in het Westen.

Tussen de regels door toont de documentaire de arrogantie en zwakte van de Amerikanen. De torens van het WTC huisvestten niet bepaald de modale Amerikaan. Je ziet tal van mannen met aktetassen en vrouwen in kleding uit dure modehuizen voorthollen. Het zijn de lieden die hebben meegewerkt aan de graai- en naaicultuur, de verkoop van onzinnige en schandalige producten, de financiële kongsi, de politieke elite van Bush. Het scheelt weinig of ze mopperen dat er geen taxi voor de deur staat.
In die zin deelde Al Qaida weldegelijk een rake klap uit. De lucht is vol van papieren, de administratie van contracten en schulden. Minder in beeld gebracht, maar nog gedurfder was de aansluitende vliegtuigcrash op het Pentagon, het militaire bolwerk van de grootste wereldmacht op aarde. Generaals en kolonels repten zich als hazen naar de kelders die bedoeld zijn als schuilplaats ingeval een nucleair conflict. Boven hun hoofden sloeg een lijntoestel in.
Eerbetoon aan de passagiers van vlucht United 93 is op zijn plaats, want zij zorgden ervoor dat dit vierde gekaapte vliegtuig niet op het Witte Huis of een ander symbool van Amerikaanse macht kon neerstorten. Dit eerbetoon moest tien jaar wachten en er was particulier initiatief voor nodig om het voor elkaar te krijgen.

Geweldig zijn de beelden waarop te zien is dat president Bush wordt geïnformeerd over de situatie. De man zit op dat moment politiek te bedrijven in een schoolklasje. Als een kind hem ineens bij zijn ballen had gegrepen, had Bush er intelligenter uitgezien dan na het incasseren van deze eerste berichten. Minutenlang duurt het voor hij zich uit de klas terugtrekt. In het lokaaltje ernaast zitten zijn medewerkers dan al naar beelden van CNN te kijken. De man kan zich eenvoudig niet voorstellen dat zijn superpower aan de beurt is.
Arrogantie blijkt voorts uit het feit dat het noordoostelijke deel van het Amerikaanse luchtruim verdedigd bleek te worden door vier F-16’s. Vier! Hiervan stijgen er uiteindelijk twee op om op onderzoek uit te gaan en mogelijk verdachte vliegtuigen desnoods neer te halen. Op dat moment zijn er zeker 5000 vliegtuigen in het Amerikaanse luchtruim. Even later zien we beelden van de president op een luchtmachtbasis in Nebraska, waar hele rijen bommenwerpers staan. Deze zijn bedoeld om doelen buiten de VS te grazen te nemen. Dit is de aanblik van Pax Americana.

De CIA had de regering Bush vooraf krachtig gewaarschuwd tegen evidente gevaren. Bush en de zijnen legden de adviezen naast zich neer. Op Amerikaanse bodem kon niets gebeuren.

Absurd en fascinerend tegelijk zijn de opnamen vanuit een nabij het WTC gelegen kantoor. Van achter een bureau is te zien hoe een vliegtuig zich in de tweede toren boort. Kennelijk werd gewoon doorgewerkt terwijl WTC I in brand stond. Bij dit beeld vroeg ik me af hoeveel mensen in deze tweede toren nog doorwerkten terwijl ze uit het venster de ramp in de naastgelegen toren konden aanschouwen.
Nog even dit afmaken, die bijzondere afspraak ontvangen, dat telefoontje van het grootste belang afhandelen.
Hoeveel chefs hielden hun personeel op de stoelen omdat de werkelijkheid maar niet tot hun geprogrammeerde brein wilde doordringen?

Als ik een film mocht maken, dan zou deze gaan over het doorwerken in de tweede toren op een verdieping die een eind boven de inslag in dit gebouw lag. Hier voelde men ongetwijfeld een flinke schok, maar vervolgens gebeurde er minutenlang niets dat verdere verontrusting opwekte. Het langzaam maar zeker binnendringen van de werkelijkheid en inzicht in de situatie, de ineenstortende hiërarchie en discipline, plotseling opbloeiende vriendschappen, de wereld totaal op zijn kop in de etages boven de vuurzee.
Zwarte rookkolommen die ineens langs ruiten trekken, verbindingen die wegvallen, wc’s die niet meer doorgetrokken kunnen worden, computers die nog sheets tonen waar de chef op zit te wachten, of erger: je kijkt naar CNN en ziet de brand die onder je eigen voeten woedt en met geen mogelijkheid geblust kan worden.

In ons land was het niet anders gegaan. Op 9/11 bevond ik mij met collega’s in de Rode Hoed te Amsterdam. Er was een dag uitgetrokken om mee te denken met het management. Tijdens een pauze om drie uur in de middag belandden we in het café van het vergadercentrum. Hier zagen we op tv de vliegtuigen de torens in duiken. De impact die dit zou hebben in termen van oorlog, waren mij meteen duidelijk. Wie dit op zijn geweten heeft, is nog niet jarig, zei ik tegen een collega. Even later werden we weggeroepen door het sectorhoofd. Ik wil nog even verder gaan, sprak zij ons toe als een moeder haar onwillige kinderen.

Doel van Al Qaida was, om Amerika te kijk te zetten en te verzwakken. Het eerste gelukte volledig, in full colour. De aanslagen, vooral die op het WTC, zijn van een ongekende mediale kracht. Het tweede doel, de verzwakking van de Amerikanen op het wereldtoneel, lukte deels en dit hebben de Amerikanen vooral aan zichzelf te danken. De regering Bush zwoer namelijk onmiddellijk wraak. Niet slechts tegen de daders, maar tegen een ieder (en iedere staat) die er iets mee te maken had of kon hebben. Hij ontketende een militair offensief dat inefficiënt was en het land naar de financiële afgrond voerde.
Irak had nauwelijks banden met Al Qaida. President Hoessein mocht een verwerpelijk dictator zijn, met de capriolen van Bin Laden had hij weinig op. De Afghaanse Taliban steunt Al Qaida wel, maar dit land grenst aan kernwapenland Pakistan en hieraan durven zelfs de Amerikanen hun vingers niet te branden.
Niet voor niets zijn de momenten waarop Saddam respectievelijk Bin Laden werden uitgeschakeld, uitgekauwd als triomfen. Veel meer heeft Amerika niet te bieden. In de binnengevallen landen is niets opgelost. De grootste fout die Amerika maakte, ligt erin dat men dacht in termen van naties/staten en niet in die van een amorfe beweging, een medusa die ondanks militaire nederlagen steeds weer opduikt.
Aan een enkele techneut en een zak vol simpele boodschappen heb je genoeg om een trein of stadion op te blazen. De bereidheid hiertoe over te gaan, wordt door de Amerikanen al jaren zelf aangereikt. Bijvoorbeeld door corrupte en totalitaire regiems overeind te houden. De regering van Saddam bijvoorbeeld hield de Koerden eronder met Amerikaanse wapens en Khadaffi ranselde gevangenen af hem tot dit doel waren uitgeleend omdat de Amerikanen ze liever buiten hun landsgrenzen hielden.

Amerika is verzwakt, maar Al Qaida ook. Bin Laden werd op briljante wijze uit zijn Pakistaanse hol gepeuterd, afgeschoten en in zee gedumpt. De sterkste verzwakking van Al Qaida is echter teweeggebracht door iets anders. De betrekkelijk vreedzame omverwerping van dictaturen in Noord Afrika heeft de Arabische volken getoond dat zij zelf onaantastbaar geachte regiems omver kunnen stoten en wel met betrekkelijk weinig geweld. Overal ter wereld willen mensen vooral vrede en veiligheid. Dit geldt ook voor Arabische landen. Terreurbewegingen kunnen inpakken waar vreedzame middelen als massale demonstraties succesvol blijken.

Het zou goed kunnen, dat Arabische terreur door dit fenomeen sterk afneemt. Nu die van de Amerikanen nog.

 

Monk

12 september 2011

 

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.