De valkuil van 1989

| Geen reacties

Met de val van de Muur in 1989 is niet slechts een partij betonplaten omgehaald. Evenmin bleef het bij het opstappen van een aantal leiders in Oostblok landen, afschaffing of marginalisering van de communistische partij en het tastbaar worden van het economisch bankroet van dit systeem. Zelfs het wegvallen van een dreigend militair conflict, de Koude Oorlog, lijkt eerder tijdelijk dan definitief.

De weg werd vrijgemaakt voor het politieke, sociale, economische en morele systeem van het Westen. In het bipolaire krachtenveld van leidende ideologieen sloeg de balans abrupt door naar de Atlantische zijde: de USA, Canada en West Europa, geflankeerd door de Aziatische partners Japan, Australië en een reeks kleinere landen. Deze hemisfeer noemt zichzelf graag De Vrije Wereld. De zogeheten Geleide Economieën van Moskou en haar satellieten verruilden de kolchozen en 5 Jaren Plannen voor de Vrije Markt. Het Maoïstische China, in veel opzichten nog rigider dan Moskou, combineerde na interne strijd het bestaande communistische Een Partij Systeem met een economisch vrije markt, samen te vatten als Staatskapitalisme.

De Vrije Wereld juichte. Beelden om de gevoelens van trots, opluchting en tevredenheid te versterken, waren er voldoende. Vanachter de Berlijnse Muur kwamen alleen maar blije gezichten. De deur van een politieke gevangenis werd opengezet en vooral jongeren hunkerden naar de vrijheid waarop het Westen zich een halve eeuw lang had beroemd. Sindsdien is veel gedaan om de verderfelijkheid van het communisme aan te tonen. Hier was ook reden toe, laat ik dat er vooral bij vermelden. De druk van de regiems op de burgers in de machtssfeer van Moskou loog er niet om. De individuele vrijheid was minimaal. Voor vereniging en vergadering, reizen en publiceren, sport en spel, voor zowat alles was toestemming nodig en kon de Partij ofwel de Staat verantwoording opeisen. Informatie was wat het regiem beviel. Zelfs aan de taal werd geschaafd, want in taal drukken mensen hun gedachten uit.

Met name de Westerse en Aziatische multinationals raakten door het dolle heen van opwinding. Er viel immers een geweldige dubbelslag te halen. Met de juiste kapitaalinjecties konden enorme bronnen aan grondstoffen en goedkope arbeid worden aangeboord. Al snel werden fabrieken en zelfs dienstverlenende instellingen (telecommunicatie bijvoorbeeld) naar deze landen verplaatst. Zo werden de productiekosten gedrukt en de concurrentiepositie verbeterd. Tegelijk hadden deze bedrijven geen last meer van vakbonden en kritische journalisten in hun thuislanden.
De trend gaat nog altijd door. De directie van het noodleidende Opel denkt na over sluiting van fabrieken in Duitsland en Engeland en verplaatsing naar Lage Lonen Landen.

Wellicht nog belangrijker dan de economische impuls die de Val van de Muur voor het Westen opleverde (zelfs de gigantische kosten voor herstel van de voormalige DDR werden opgevangen), was het politieke “bewijs” dat het liberale systeem superieur was gebleken. Zo groot was de euforie, dat gesproken werd over het wegvallen van de laatste ideologie (het communisme). Vanaf nu zou sprake zijn van een pragmatisch en rationeel bestuur. Met zorg en nadruk werd vermeden om het eigen kapitalistische systeem een ideologie te noemen. Machthebbers worden nimmer graag aangesproken op hun positie en bijbehorende opvattingen.

De Nieuwe Alles Omvattende Wereld zou voorspoed kennen en zelfontplooiing voor haar onderdanen. Wie kan daar tegen zijn? Beelden van de volksoverstroming bij de Berlijnse Muur en later die van Jeltsin bij het brandende Russische Parlement plus de venijnige executie van het presidentiële echtpaar Ceaucescu in Roemenie, vormden geweldige reclame voor het Westen.
De eerste fase van overgang naar westerse modellen verliep voor de oppervlakkige waarnemer bemoedigend. Staatsonderdrukking, verbeeld in de kilometerlange dossierkasten van de Oostduitse Stasi, viel weg of tenminste leek het zo. Het oude centrale gezag was in crisis. Dat hierop onmiddellijk Handige Jongens insprongen en er zich in rap tempo een kaste van ruige en bijdehandte lieden ontwikkelde, werd hier te lande nauwelijks onderkend, laat staan oorzakelijk onderzocht.
Immers, we deden er beter aan te kijken naar de enorme economische voorspoed die oost en west overspoelde. Dat lang niet iedereen meeprofiteerde kwam niet op de tv en anders werd het weggezet als een randfenomeen: waar gehakt wordt, vallen spaanders.
Desondanks profiteerden veel bedrijven en burgers in het Westen volop. De aandelenkoersen schoten overal omhoog, al was het maar omdat de verwachting van nog grotere successen veel beleggers onvoorzichtig en hebberig maakte. Gewone burgers begaven zich zodanig en masse op de beleggingsmarkt dat je van opkomend volkskapitalisme kon spreken. Zelfs hoeders van nationale spaarpotten als Pensioenfondsen, (alweer) Banken,non-profit organisaties en reguliere overheidsinstellingen graasden mee, hetgeen niet zelden uitdraaide op schaamteloos gokken met gemeenschapsgeld. Directeuren en commissarissen lieten zich vorstelijk belonen, zelfs ingeval ze er een bende van maakten.
Dat er langzamerhand een economie van zeepbellen ontstond, werd door geen econoom van naam of faam onderkend. Het kapitalisme is immers een ideologie van ongeremd positivisme. Realisten die nare dingen roepen worden snel weggezet als doemdenkers, schadelijk voor de groei. Zo veranderde zelfs de clowneske implosie van een schertsbedrijf als World on Line weinig aan de Hoera stemming.

Het is met crises als met vulkanen. Je voelt, ruikt en begrijpt dat er gevaar op komst is, maar omdat op het moment nog alles bij het oude blijft, grijpt niemand in. De eerste uitbarsting die niet genegeerd kon worden, werd veroorzaakt door Al Quaida. De fameuze Twin Towers, hoofdkantoor van menig groot bedrijf, stortten onder donderend geweld ineen. De aanslag was in termen van menselijkheid een ellendige daad, maar vooral een
waarschuwing die begrepen moest worden: niet iedereen heeft behoefte aan westerse invloed en globalisme. De reactie liet niet lang op zich wachten. Bush verklaarde de oorlog aan een ieder die iets te maken had met de aanslagplegers. Met andere woorden: er werd weinig geleerd en alles moest vooral blijven zoals het was. Politiek had het westen evenwel zonder twijfel schade opgelopen. De lang gedroomde onaantastbaarheid bleek fictief. Aan het economisch systeem veranderde vooralsnog niets.

De eerste klappen in de geldsector en de huizenmarkt vielen eveneens in de USA. Banken kwamen in zwaar weer en moesten erkennen onverantwoorde en ondoorzichtige leningen (financiële producten) te hebben gesleten aan burgers die niet langer aan hun verplichtingen konden voldoen. Bovendien waren Banken zelf speculant geworden en tegen forse zeperds aangelopen.
Europa keek enigszins geringschattend toe. Ten onrechte. Een paar jaar later kwamen hier nagenoeg dezelfde mankementen aan het licht. Overmatige particuliere schulden, foute beleggingen, onzindelijke leningen, fraude, prijsafspraken, het is er allemaal. Daarbij speelt een mentaliteit om van de openlijk verafschuwde overheid hulp te eisen en is er toenemend bewijs van wegvallende verantwoordelijkheid en solidariteit. De overheid heeft erop los geprivatiseerd en is verder teruggetreden. De belangrijke huizenmarkt zit muurvast omdat niemand zijn verlies wil nemen en de regering geen beleid voert op de noodzakelijke aanpak van de fiscale aftrek van hypotheekrente. Links noch rechts toont veel animo om het bestaande systeem te veranderen. Men babbelt wat over pragmatische benadering en collectieve verantwoordelijkheid, maar denkt aan de eigen achterban, de kiezer, de burger die altijd behoudend is waar het bezit betreft.

Zelfs de anti globalisten bieden weinig meer dan een ongestructureerd verzet en dan vooral tegen Amerika. Zelden hoor ik uit die hoek harde taal over China, het land dat met een combinatie van abjecte onvrijheid en kapitalisme van de ergste soort furore maakt.
Hoe diep moeten we zinken voor we erkennen dat de Val van de Muur onze valkuil is gebleken en wij een nieuwe dynamiek kunnen ontwikkelen om uit de impasse van onze hebzucht en zelfoverschatting te geraken? Ik vrees dat het heel diep zal worden, want zelfs een rechteloze burger is nog altijd producent en consument.

Monk

29 maart 2012

(foto: Monk)

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.