Jeder Weerstand

| Geen reacties

Op marktplaats werd de hele partij van 12 delen in 26 banden aangeboden voor ongeveer een euro per stuk.
Ik heb het over het levenswerk van L. de Jong Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog.
Ik bekeek de advertentie en begreep de ultra lage vraagprijs wel een beetje. Bij het aanschouwen van al die dikke boeken met hun honderden pagina’s tekst en talloze foto’s blijft alleen een veteraan overeind.  Er is eigenlijk geen beginnen aan. Ik keek even rond in mijn werkkamer, vond geen denkbeeldige plek waar die stapel leesvoer geparkeerd zou kunnen worden en klikte verder op het internet.

En toch. Sinds ik elke zomer naar schuldig Duitsland ga en daar onvermijdelijk in aanraking kom met gevolgen en restanten van de laatste wereldoorlog, breng ik een of twee delen van het werk van De Jong mee. Dat gaat zo. Ik stap een Kringloopwinkel binnen, koop wat ik aantref en na de rondreis breng ik de boeken weer terug.

Wanneer je in Duitsland bent en het landschap, de steden en dorpen en bovenal de vele aardige mensen op je laat inwerken, ontwikkel  je van lieverlee een neiging tot lankmoedigheid. De oorlog is al zo lang geleden en de oude rotten uit die tijd verdwijnen in hoog tempo. In mijn achterhoofd weerklinkt evenwel de stem van Niklas Frank, zoon van de beruchte kampbeul. Niklas brengt menige jolige schoolklas tot zwijgen met het relaas over zijn vader. Hij kijkt de klas vol leuke jonge mensen in, glimlacht en zegt:  ik vind jullie allemaal aardig, maar ik vertrouw niemand van jullie. Deze uitspraak doet recht aan het gevoel dat ik wil houden als ik rondtrek in Duitsland.

De Jongs monument van monnikenarbeid staat sinds enkele maanden op het internet. Het moet een flinke klus zijn geweest om 18.000 pagina’s te digitaliseren. Immers, de delen verschenen tussen 1969 en 1984, dus zullen ze oorspronkelijk wel op mechanische typemachines gemaakt zijn.
De bijbehorende foto’s staan er helaas niet bij. Deze kun je vinden op Beeldbank WOII, waar je mag vaststellen dat in elke foto een vervelend watermerk zit. Het zal wel weer over copyright en geld gaan. Zelfs aan een oorlog van 60 jaar geleden moet nog wat verdiend worden.

Of de digitalisering veel nieuwe lezers trekt, is de vraag. De oorlog zakt langzaam weg in vergetelheid en ook de digitale versie van Het Koninkrijk vergt de nodige inspanning om door te ploegen. Toch vind ik het een aanwinst en een terechte beschikbaarstelling. Per slot is het NIOD, verantwoordelijk voor de uitgave, allang door de samenleving betaald voor haar arbeid. Maar belangrijker is, dat De Jong een geweldig historisch epos maakte. Het mooie eraan is dat het niet alleen maar (minutieus) gaat over de oorlog, de betrokken instanties, personen en hun motieven, maar ook een interessante inkijk levert op de Nederlandse volksaard.

De krenterige toebedeling van wapens en munitie, het ongeloof in een werkelijke oorlog, de bureaucratie die aan de Duitse nauwelijks onderdeed, de kikkers die allemaal in de kruiwagen gehouden moesten worden, de twijfel aan de zin van strijdvoering, de koppigheid ingeval er toch gevochten moest worden, een aan collaboratie grenzend opportunisme, het amateurisme van de politieke leiding en de hoon hierover van grote delen van de bevolking, de boerenslimheid, de kleinburgerlijke Madurodam mentaliteit, de nuchterheid en het vermogen door de propaganda heen te kijken: het komt allemaal aan bod.
Verweving van de opsommingen en analyses met vaak hilarische voorbeelden uit de praktijk houdt het geheel goed leesbaar. Wat te denken van de vrouw die passerende soldaten op chocolaatjes trakteert, met de mededeling Geef die Moffen er maar flink van langs hoor, jongens! De vrouw begreep niet, dat zij haar lekkernijen uitdeelde aan Duitse soldaten.

Natuurlijk zijn er bedenkingen. Er bestaat geen historische verhandeling die je los kunt zien van de tijd(geest) waarin ze tot stand is gekomen. De Jong heeft de oorlog meegemaakt. Hij verbleef in Engeland, op het nippertje ontsnapt aan het binnentrekkende Duitse leger. Achterblijvende familie kreeg te maken met de genadeloze Jodenvervolging. Al ben je nog zo’n goede historicus: zoiets moet wel sporen in je opvattingen achterlaten.

In Het Koninkrijk is het onderscheid tussen goed en kwaad duidelijk en inzichtelijk. Dit kan ook een keuze zijn en behoeft niet alleen maar samen te hangen met De Jong en de tijd(geest). Niets is lastiger en meer onbevredigend dan vast te stellen dat de waarheid veel gezichten kent en dat goed en kwaad bij nadere beschouwing en nuancering al snel veranderen in een bord havermoutpap. Om de zaak overzichtelijk te houden, mag je de kern van de zaak niet uit het oog verliezen: de Duitsers hebben ons land overvallen en er huisgehouden. Wie hieraan meewerkte, was fout, punt uit.

Ik zag eens een documentaire waarin ondermeer een Groninger aan het woord kwam. De man had zich ooit aangemeld voor de Germaanse SS (waar ook de latere voorman van de ARP Aantjes lid van was) en aan het Oostfront beland. Na de oorlog was hij opgepakt en bestraft. De man was onmiskenbaar fout geweest. Desondanks kon ik zijn toelichting begrijpen, waarin hij aangaf destijds de lamlendige Hollandse politiek helemaal zat te zijn, reden waarom hij had gekozen voor wat hij beschouwde als de frisse Duitse aanpak: een Idee, een Plan, Aktie!

Zoals veel mensen van de naoorlogse generatie heb ik me wel eens afgevraagd hoe mijn eigen opstelling zou zijn geweest. Was ik een collaborateur geworden, een verzetsheld, een boer op avontuur in Rusland, een muis die begrijpt dat je de kat niet moet uitdagen?
Het is een zinloze vraag. Je kunt niet weten waar je in terecht komt en wat het met je doet. Uitgaande van mijn halsstarrig karakter is het denkbaar dat ik vroeger of later in de problemen was gekomen, met deze of gene. Aan mijn eventuele terechtstelling was niets heldhaftigs voorafgegaan. Het zou vooral een domme dood zijn geweest, zoals meestal in elke oorlog.

Monk

30 maart 2012

 

 

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.