Ja Knikkers

| Geen reacties

Naast het schoolbord konden landkaarten worden getoond. De onderwijzer rolde er één uit, bevestigde het touwtje aan een haak en dan volgde enig gehannes om de boel recht te hangen. Van elke provincie was het gebied afgebakend in kleuren en met een kruisjeslijn. Rode vlekken stelden steden voor. Namen stonden er niet bij want het was de bedoeling dat je uit het hoofd leerde hoe Nederland in elkaar stak. Topografie, heette dit onderdeel van de aardrijkskundeles.

De kaart van Groningen was voor ons een abstractie. Niemand was er geweest en het lag evenmin voor de hand dat dit ooit ging gebeuren. Desondanks dreunden wij collectief de plaatsnamen op: Bedum, Appingedam, Delfzijl, Hoogezand, Sappemeer, en zo verder. We leerden over blauwe zeeklei en bonkveen, een of ander mengsel waar weinig op groeide. Er werden aardappelen en suikerbieten verbouwd en er stonden fabrieken voor strokarton die geweldig stonken. Kustvaarders werden op werven langs een kanaal in elkaar gelast. Van Nederlandse schepen was de kwaliteit genoegzaam bekend.
Slochteren werd niet genoemd, mogelijk stond het niet eens op de getoonde kaart. Er was helemaal geen aardgas. Wel leerden we over Ja-Knikkers die olie ophaalden, maar dat was in Drenthe met een H tussen de T en de E, struikelblok in de dictees die geregeld werden afgenomen.

Geen aardgas, geen rijkdom, geen bodemverzakking. Hieraan terugdenken is als mijmeren over de Middeleeuwen. Schiet me te binnen dat ik toch een keer in de provincie Groningen was. Samen met mijn vader ging het naar het andere eind van de wereld om een rollenband voor de aardappel rooimachine op te halen. Het was een lange tocht naar één of ander waardeloos dorp. Vader stopte op het erf van een smederij en een half uur later waren we alweer onderweg richting Afsluitdijk. Groningen gezien, niks te beleven.

Een halve eeuw later. Nog altijd kom ik zelden in Groningen, al is het best een aardige provincie en ken ik een stedelijk café met rood interieur waar uitsluitend opera wordt gedraaid. Een galerie toonde een keer mijn fotowerk. Mooie expo ruimte en midden in de stad, maar de eigenaren waren amateurs die erin slaagden een zekere verkoop te torpederen. Bij die gelegenheid ben ik door het landschap van Slochteren gereden. Hier en daar zag je inderdaad glimmende pijpen en wielen waaraan gedraaid kon worden. Het zag er schoon uit en er was land genoeg over om depressief van te worden.

Sinds enkele jaren begint de bodem in Groningen te verzakken. Het rommelt in de diepte, geen wonder wanneer je bedenkt hoeveel kubieke meter gas er al is weggehaald en in welk tempo. Je kunt stellen dat Nederland al veertig jaar aan het infuus van Groningen ligt en dat de patiënt maar niet beter wil worden. Politici uit de Randstad financieren er van alles mee zonder de bevolking met belasting behoeven lastig te vallen. Peperdure spoorlijnen werden ermee betaald, maar ook miljarden aan sociale uitkeringen en gederfde belastingpenningen wegens de aftrekbaarheid van hypotheekrente. Genoeg is het nooit: indien er zestig maal zoveel gas in onze bodem zat, wisten onze bestuurders dit ook allemaal op te maken. Desnoods zonden we een huurleger naar Afrika om daar orde op zaken te stellen aangaande de homo rechten. Waarmee je meteen hebt voldaan aan de verplichtingen aangaande ontwikkelingshulp, want zo cynisch is dit wel.

De bodem zakt in en bevingen doen de muren van hele dorpen scheuren. Bovendien worden huizen in het gebied onverkoopbaar. Niemand gaat vrijwillig bovenop een gat in de bodem wonen.
Vooral rond Loppersum schijnt het erg te worden. In Duitsland zag ik al eens hoe door toedoen van onbekwaam graven in een kalimijn een complete dorpskern zeven meter was ingezakt. Het landsbestuur vormde het gat om tot een leuke vijver. Bij een aanpalende supermarkt hingen alcoholisten rond. Het is maar een beeld, dus niet perse het voorland van Loppersum.

Groningers staan niet bekend om een protestcultuur, heet het in de media. Dit valt te bezien: de streek rond Beerta bijvoorbeeld was ooit een bolwerk van communisten. Straatarme loonarbeiders probeerden te overleven op de landerijen van Hoge Heren.
Een oude man herinnerde zich dat hij met zijn schoolrapport langs de werkgever van zijn vader ging en een veel geringer beloning kreeg dan het voorgaande jaar. Reden was, dat de jongen inmiddels betere cijfers haalde en dit beviel de Herenboer niet: slimme arbeiderskinderen zouden ooit denkende lastposten worden en dus kon je hen beter vroegtijdig ontmoedigen.
Nog in de jaren 50 werd een regeringscommissaris aangesteld om de macht van de CPN te breken.
Zeg dus niet dat Groningers volgzame boerenkaffers zijn. Hoogstens zijn ze halsstarrig en kunnen ze wel een paar opfris cursussen gebruiken over hoe de wereld vandaag in elkaar steekt.

Mijn hart zit links, maar mijn hersenpan bestaat uit twee helften die het aanhoudend oneens zijn.
Ik voel mee met de Groningers en hun toenemende afkeer van Den Haag en het Westen. Randstedelijke regenten zijn onmiskenbaar arrogant en irritant. Ik zeg dit als Hollander. Daarbij is de schade tastbaar en rechtstreeks gevolg van de gaswinning, al ontkende Den Haag dit tot in het absurde. Schade moet goed en snel vergoed worden en de gaswinning moet permanent omlaag en niet alleen in het Zwarte Gat van Loppersum. Een deel kan worden gecompenseerd met Noordzee gas en voor het andere deel moet iedere Nederlander voortaan progressief betalen voor verbruikte energie. Weg dus met de kerstverlichting in de tuin, het ligbad, de afwasmachine en hobby ovens.

Aan de andere kant vind ik het onzin te zeggen dat het hun gas is en nog grotere flauwekul waar wordt beweerd dat de regio met meer geld welvarend kan worden. Groningen is en blijft kansloos vergeleken bij de Randstad en de regio Eindhoven. Grote investeringen zullen nimmer renderen en zelfs de ondergang van aluminiumsmelterij Aldel in Delfzijl ligt niet alleen aan het ontbreken van goedkope stroom. Groningen was, is en blijft achtertuin van het Westen, een wingewest, een Generaliteitsland.

In politieke zin moeten de Groningers afleren hun stem te geven aan verraders van linkse idealen als Samsom Halfzware. Richt eigen netwerken op, experimenteer met bedrijfjes en kapitaalverschaffing, negeer de gevestigde politiek en stuur je kinderen naar de universiteit in plaats van naar de suikerbieten.

Monk
22 januari 2014
(foto: Monk)

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.