Monkwise

columns verhalen fotografie

HOUSE ON FIRE

Het begint ergens in de jaren 80 van de vorige eeuw en hangt derhalve samen met de opkomst van het neoliberalisme: massale en massieve onvrede. Reagan en Thatcher bliezen de bestaande wereld op. Het was gedaan met collectivisme als vakbonden en met wederzijdse tolerantie. De Val van de Muur in Duitsland en de ontmanteling van de Sovjet Unie bezegelden de omslag.

Natuurlijk is onvrede veel ouder en in zekere zin onderdeel van de menselijke aard. Deze streeft naar respect en erkenning en legt de lat steeds hoger. Kritiek en geklaag over het uitblijven van waardering is van alle tijden. Alleen de mate waarin neemt de laatste jaren explosief toe, zowel in de breedte als in de diepte. Steeds meer en grotere groepen lijken samen te klonteren rond thema’s waarop men vervolgens losgaat. Niet per se om de waarheid boven tafel te krijgen, maar om deel uit te maken van een identiteit. Vandaar dat je soms de grootst mogelijke onzin te horen krijgt. Welke met verbazingwekkende stelligheid wordt uitgedragen.

Het neoliberalisme is sterk gebaseerd op meritocratie. Je krijgt wat je toekomt. Wanneer je maar hard genoeg werkt, kom je vanzelf vooruit in de wereld. Omgekeerd is achteropraken ergens je eigen schuld, al bestaan er pechgevallen – zeg maar: waar gehakt wordt, vallen spaanders. In beginsel heb je je leven in eigen hand. Ieder heeft zijn of haar talenten en dient deze uit te baten. Het bevordert je maatschappelijke positie en daarmee komen voldoening en erkenning.

Maar de ideologie heeft een schaduwzijde. Ze doet zich voor als een verstandige filosofie, maar is feitelijk de neerslag van een belangensysteem. Ze draagt eraan bij dat we in een opgefokte wereld leven, waarin de kalender het aflegt tegen de klok. Bijgevolg groeien ontevredenheid en zelfoverschatting. Het verschijnsel doet denken aan de stripdraak Zwelgje van Maarten Toonder, met zijn neiging tot onbeheersbare groei en een bijpassend instabiel karakter. Lapmiddelen helpen hooguit tijdelijk. Alleen een echte ingreep brengt verlichting. Zwelgje wordt uitgezet in zijn eigen wereld. Maar de verliezers in onze samenlevingen zijn al gewoon thuis. Wat te doen?

Meritocratie gaat uit van het beginsel dat mensen gelijke kansen hebben. Je begint allemaal met een schone lei. De dragers van de ideologie zien evenwel ook zelf in dat theorie en praktijk schuren. Waar dit zo uitpakt (nagenoeg altijd), dien je tevreden te zijn met wat je talent en vooral je inzet wel opleveren. Bijgevolg zijn werklozen volgens dit verhaal vooral lui, om niet te zeggen parasitair. Veel ziekten heten tussen de oren te zitten. Daar zijn coaches voor en pillen uit de pharma-industrie. Meritocratie dwingt het beste uit jezelf te halen. En rap een beetje. Actie wordt hierin hoger gewaardeerd dan spel en reflectie. Alles komt tot uitdrukking in een prestatie. Deze zijn meetbaar en komen in aanmerking voor verbetering.

Dat iedereen kan tekenen (reclame jaren 90) misschien bedoeld was als knipoog, neemt niet weg dat de idee hierachter weldegelijk een flink ingesleten aanname is die soms letterlijk voor waar wordt gehouden. Vorm en inhoud wisselen gemakkelijk van plaats. Willen de mensen die echt menen dat hun zoontje van 4 dit ook kan schilderen even opstaan? Met de overtuiging dat iedereen alles kan, volgt het dedain, de omgekeerde arrogantie. Wat verbeeldt die verdomde elite zich eigenlijk wel? Een toenemend deel van de bevolking meent, dat kwaliteitsverschil slechts neerkomt op verschil in smaak. In deze opvatting is de hersenspecialist even waardevol als de zwetsende magnetiseur, wordt de onderzoeksjournalist een verrader van het volk, de rechter een knecht van de elite. Waar de opvatting van volstrekte gelijkwaardigheid wordt tegengewerkt, ontsteken steeds meer mensen in woede. Ze slaan de dokter en gooien stenen naar de journalist. De taal die zij tegen hulpverleners en medeburgers op sociale media uitslaan, tart de verbeelding. Je moet er niet aan denken dat er nog eens echte stagnatie in productie en logistiek ontstaan. Waar supermarkten de deuren gesloten houden en de stroom uitvalt, voorzie ik binnen de kortste keren gewelddadige straatbendes.

De maatschappij is hard. Dit is altijd zo geweest. Vrijheid en gelijkheid vormen op zijn best na te streven idealen. Het zijn geen in beton gegoten verworvenheden. Alleen binnen een rechtsstaat, met wetten en handhaving, kan het bouwwerk overeind blijven. Je kan er geen onvervreemdbare rechten aan ontlenen. Of zoals Speerstra* het ooit stelde: ik ontleen mijn recht aan het recht. En dus niet aan de straatstenen die ik kan oprapen.

De mens heeft eigen verantwoordelijkheden, maar kan lang niet alles naar zijn hand zetten. Ingeval naar jezelf kijken in een neoliberale maatschappij te moeilijk wordt (al is het maar uit vrees voor gezichtsverlies), dan zal betrokkene uitkijken naar schuldige anderen, hufters die je in de maling nemen, misbruik van je maken en bovendien op je neerkijken. Of anders richt de agressie zich omlaag, op mensen van buiten je leef- of taalgebied die denken dat ze gelijke rechten en mogelijkheden kunnen opeisen. Verschil in uiterlijk en/of religie ter identificatie helpen hierbij nogal. In vroeger tijden kenden we brandstapels voor heksen. Zij werden verantwoordelijk gesteld voor misoogsten, onbegrepen ziekten en smerig bier. Bijna niemand kijkt naar systemische ongelijkheid, laat staan naar de onderliggende ideologie zelf. Die is te abstract, te theoretisch, te veel elite. Problemen doen zich voor als conflicten en daarmee liggen verbaal en fysiek geweld voor de hand. Al helemaal waar het systeem zelf niet meer de moeite neemt om te handhaven.

Laat ik duidelijk zijn: er bestaat geen enkele maatschappij waarin gelijkheid en gelijkwaardigheid volledig gerealiseerd worden. De communisten hebben het geprobeerd en het draaide uit op armoede, angst, stompzinnigheid en moordpartijen.
Waar de wereldwijde trend naar rechtse autocratie doorzet, zullen we iets vergelijkbaars zien. Machtshonger en materieel gewin liggen op de loer. Net als onrecht en willekeur. Slechts een stelsel van machtsverdeling en controle kan hierin enig evenwicht bieden. Perfect wordt het nooit. In een democratie is slechts beperkt plek voor sterke leiders. Het probleem aan macht is, dat zij zichzelf nooit vrijwillig zal opheffen. Zelfs voor een beperkte periode gekozen gezagsdragers plakken graag aan het pluche.

In de neoliberale wereld, waarin democratie en kapitalisme* centraal staan, is ongelijkheid per definitie systemisch. Achtergrond, huidskleur, leeftijd en sekse zijn selectiecriteria, net als netwerk en financiële mogelijkheden. Maar het gaat verder. Zij die in het systeem komen bovendrijven, richten het stelsel van wet- en regelgeving in, zodanig dat lang niet iedereen in gelijke mate profiteert. Excessen dreigen altijd. Met eerlijkheid heeft het slechts in zoverre te maken, dat tenminste in theorie veranderingen afgedwongen kunnen worden via verkiezingen en gewijzigde wetten. Waar het democratisch gehalte wordt gesaneerd, resteren voornamelijk rechteloosheid, corruptie en persoonsverheerlijking.

Elke ideologie kent de waarde van de jeugd. Ook in onze maatschappij worden met de start van de schoolklas de contouren van rangorde snel zichtbaar. Intellectuele en sociale vaardigheden verschillen nu eenmaal per individu en neigen met de tijd naar uitvergroting, niet naar krimp. Niet ieder kind is even nieuwsgierig, alert, sociaal vaardig of aangenaam in de omgang. Externe parameters spelen ook een rol: de thuissituatie, de groep waarin het kind wordt opgenomen, leerboeken, voedsel, medische zorg. Het systeem zelf is allerminst neutraal. Niemand doubleert op stramme gymnastiekbenen, wel op dyslexie of rekenzwakte. Verdedigbaar of niet, selectie produceert per definitie ongelijkheid.

Kapitalisten hebben de neiging de neoliberale ideologie voor te stellen als natuurlijk en logisch, om niet te zeggen onvermijdelijk. Om dit te versimpelen en te stroomlijnen, is homo economicus uitgevonden. Iedereen kiest voor eigen gewin. Geld wordt graadmeter voor alles, inclusief maatschappelijke waardering en respect. Marktwerking en concurrente zullen een zegen zijn voor een gezonde samenleving.
De communisten van Mao beweerden het tegenovergestelde, maar de dynamiek is vergelijkbaar. Net als bij de ayatollahs van Iran. Het zijn en blijven ideologische modellen, bedenksels die alles met macht te maken hebben. Macht waarvoor andersdenkenden moeten buigen.
Een grafiek toont de sociale opbouw van onverschillig welke ideologie. Deze komt neer op een piramide: weinig echte winnaars, een rijzend en dalend middenveld en een amorfe onderlaag van verliezers. Alleen de waarden verschillen en soms de consequenties. Schreeuwers, asfaltplakkers en vuurwerksmijters mogen eens bedenken dat een democratie hen gelegenheid biedt te protesteren. In een meer autoritaire maatschappij kan je ervoor opgepakt worden en zelfs vermoord.

Massale en massieve onvrede. De verongelijktheid en woede nemen toe en worden meer zichtbaar. Dit proces is al sinds de jaren 80 aan de gang, waar technologie, invoering van het marktprincipe en de opkomst van sociale media zorgen voor versnelling en verdieping. Kijk in de metro of op straat om je heen, vraag het aan mensen hoeveel uren men dagelijks slijt op het mobieltje. De bubbel van gelijkgestemden wordt gekoesterd. Wat niet bevalt, klik je weg. Tik Tok, Instagram en X vormen niet zozeer een informatiebron – voor velen is het de nieuwe werkelijkheid. Hier komt bovenop dat er een verdienmodel aan wordt ontleend. Soms gaat het om geld (vloggers) of bewondering, anderen peuren naar politieke invloed (populisme, buitenlandse beïnvloeding). Nooit eerder in de geschiedenis bestonden er zoveel communicatiemiddelen en nooit eerder bood communicatie zo’n armoedige aanblik.

Valt op, dat in deze spiraal van onvrede weinig positieve geluiden klinken. Het is alles anti wat de klok slaat. De PVV van Wilders blinkt hierin uit. Greep op een kabinet bracht het land bitter weinig, waar de man nauwelijks vakbekwame mensen kon of wilde leveren en elk dossier opofferde voor zijn stokpaard: de (onrechtstatelijke) aanpak van de asielkwestie.
Hier steekt de woke agenda van links nog gunstig bij af. De woede over kabinetssteun aan Israël aangaande de vernietigingsoorlog tegen de Palestijnse bevolking is niet egocentrisch in de zin van de doelen die bijvoorbeeld Farmers Defence Force nastreeft.
Wel zijn de methoden te linker zijde niet altijd democratisch en bij vlagen beslist gewelddadig. Waarmee ik zeg, dat ook hierop gehandhaafd moet worden: proactief en repressief. Ook links kent een eigen bubbel die aan belangen en inzichten van andersdenkenden voorbijgaat en hen simpel wegzet als achterlijk of fascistoïde.

Los van bovenstaande vrees ik, dat de menselijke aard slecht wordt begrepen. Waar stabiliteit onze soort evident het beste dient, is vertrouwen hierin gevaarlijk. Tevredenheid leidt tot verveling. Elke leerkracht op school waar dit toe leidt.

Monk, 17 mei 2026
Foto: Monk

  • Kapitalisme: economisch stelsel, gebaseerd op privaatbezit van de productiemiddelen en de doelstelling om door middel van investeringen winst te maken. Productie, distributie en verkoop is dominant in handen van de Markt.
  • Speerstra: auteur Beknopt Leerboek Handelskennis, uitgeverij Noordhoff.

Reacties zijn gesloten.