Circus Kemkers

| Geen reacties

Sven Kramer is in Sotchi door het ijs gezakt waarop hij had moeten winnen.
Zo ongeveer is de stemming samen te vatten. Na de tien kilometer leek zijn gezicht op een barometer met de wijzer helemaal links onderin. Kramer liet weten de Spelen te haten, al ben ik geneigd dit te wijten aan zijn acute teleurstelling. Hij won zilver en zilver is niets. Om over brons maar te zwijgen. Een topsporter wil alleen goud. Trainer Kemkers, de man die het vier jaar geleden voor zijn pupil verpestte met foute aanwijzingen op de baan, ventileerde dezelfde mening. Hij moest eerder al zure zilveren plakken verwerken van Koen Verweij en Ireen Wüst. Kemkers: Van de drie zilveren medailles is dit (Kramer op de 10 kilometer) de zwaarste. Hij deed de uitspraak op een moment dat zijn favoriete ster bij de vrouwen nog moest verliezen van de Tsjechische Sablikova. De man moet onderhand oud en gebroken zijn.
Tijd om te vertrekken en een krantenwijk te nemen.

Schaatsers winnen of verliezen tegenwoordig op een paar duizendste van een seconde. Geen toeschouwer kan het verschil waarnemen en de betrokkenen weten pas waar ze aan toe zijn wanneer het Elektronische Orakel heeft gesproken. Het komt mij voor dat de hocus pocus nog altijd arbitrair is. Het probleem ligt bijvoorbeeld minder bij de finish dan bij de start. Het startschot, gekoppeld aan menselijk reageren, is achterhaald in termen van tijdmeting. Degene die het dichtst bij de geluidsbron staat, heeft voordeel. Dat krijg je wanneer je gaat meten met drie cijfers achter de komma. Daarbij is het perfect stilstaan voor de strijd onnatuurlijk en discutabel. Er zijn al plannen in voorbereiding dit euvel te verhelpen.

Precisie in metingen bepaalt de topsport steeds sterker en sijpelt straks ongetwijfeld door naar de amateurs. Iedereen heeft immers recht op het beste. Binnen een jaar of vijf eisen lokale voetbalclubs van hun gemeentebestuur een financiële bijdrage om lijntechnologie te kunnen invoeren. In de bal zit een chip die reageert op een laserstraal. Is de bal over de lijn, dan krijgt elke speler een pieptoon in zijn oortje te verwerken, teken dat het spel wordt stilgelegd voor een ingooi, hoekschop dan wel toekenning van een doelpunt. Overtredingen worden beoordeeld door projectie op een 3D Google bril van de referee op basis van beelden uit meerdere camera’s. Techniek helpt ons aan de illusie van onpartijdigheid en vakkundig optreden.

Bij de inhuldiging na de 10 kilometer liep Sven Kramer met een lang gezicht rond. Nummer 3 Bob de Jong verweet hem op deze manier het feestje van Bergsma te bederven. Ik geef Kramer groot gelijk. Waarom meedoen met het vrolijke hopsen wanneer je de tyfus in hebt? Wel had hij beter kunnen wegblijven.
Bergsma is een bescheiden jongen, beetje schriel en minder dan Kramer de natte droom van de media die de onverwachte kampioen daarom stuntelig benaderden. Verrassingen worden bijna nergens op prijs gesteld, dus ik begrijp het wel.

Toch is Bergsma niet zo fris als misschien lijkt. Vier jaar geleden probeerde hij de route naar de Heilige Graal via Kazachstan. Idee was, zich tot Kazach te laten naturaliseren om de Hollandse concurrentie te omzeilen teneinde op de Olympische Winterspelen te kunnen uitkomen. Hier te lande immers is de concurrentie moordend. Bijkomend voordeel was, dat hij bij goud een premie van een kwart miljoen dollar plus een appartement in Astana en een dikke auto* zou opstrijken.
De ISU stak hier een stokje voor, maar mij gaat het vooral om de mentaliteit: het aanbieden van jezelf als exportproduct, voorbijgaand aan sportmensen uit het land zelf die het moeten stellen met mindere trainingsfaciliteiten of een gesponsord inkomen. Dit vervelende fenomeen kennen we al van de Keniaanse en Ethiopische marathonlopers die de wereld afschuimen voor prijzengeld.

Natuurlijk draaien de media volop mee in Circus Kemkers. Voor aanvang van Kramers monsterrit poneerde een reporter: Sven gaat doen wat hij hoort te doen. Een podium dat niet geheel oranje is, wordt voorgesteld als een milde teleurstelling. Pure arrogantie, minachting en opportunisme is het, een willoos buigen voor het krokettenvolk bovendien.
Genegeerd wordt dat ook Kramer en Wüst hard hebben moeten trainen. De enige morele verplichting die je hen zou kunnen opleggen, is dat zij hun best doen, alles geven. En dat hebben zij beiden zonder twijfel gedaan.
Het zal de reporter worst zijn. Hij vertaalt wat het gemakzuchtige en narcistische volk denkt. Voor straf zou hij zelf de tien kilometer moeten schaatsen, voor een straalbezopen publiek dat hem de hele rit uitfluit en beledigingen toeroept om zijn ondermaatse prestaties.

Publiek? Daar zeg ik wat. Is het u opgevallen dat de tribunes nagenoeg leeg zijn bij de Hollandse schaatsfeestjes? Geen Duitser komt kijken, de Russen zuipen liever wodka in de kantine. Voor de 10 kilometer van de mannen was zelfs geen Noorse schaatser te vinden.
Door de Hollandse Metaaldetector valt de internationale belangstelling voor deze sport weg. Alleen in het Holland Heineken House wordt nog de polonaise gedanst, zolang het duurt. Waar sponsors afhaken (zoals inmiddels voor de ploeg van trainer Orie), worden geen nieuwe stadions meer gebouwd, ontslaan de schaatsenfabrikanten hun personeel en kan Den Haag voortaan volstaan met de afvaardiging van een minister die de plank geregeld misslaat. Ik heb al iemand op het oog.

Na de Spelen komt er een zware evaluatie, is alvast meegedeeld alsof de grootste sof aller tijden zich afspeelt. Er wordt te weinig goud gewonnen, vindt de KNSB. Mogelijk ligt hieronder de vrees dat sponsoren zullen afhaken ingeval er naar hun zin te weinig succes wordt geoogst. Waarmee het comfortabele leven van de schaatswereld in gevaar komt. Vanuit deze redenering leidt succes onvermijdelijk tot haar eigen ondergang, want wie bijna alles wint, kan alleen nog maar verliezen.
De vermarkting van de sport mag leiden tot snellere tijden en meer eremetaal, de vreugde wint er kennelijk weinig mee: noch op de schaatsbaan, noch bij het publiek. Straks moeten de schaatsers opdraven voor onderdelen die door sponsoren worden verzonnen.

Winnen en verliezen zijn twee kanten van dezelfde medaille, om in stijl te blijven. De verliezers dragen bij aan de glans van de winnaar en zijn daarmee alleen al vanuit dit gezichtspunt waardevol. Wanneer je met 20 man meedoet aan een wedstrijd, is er theoretisch 5% kans dat je wint en 95% dat je verliest. Een winnaar zonder een schare verliezers is ondenkbaar. Bovendien: wie krijgt ooit de kans om aan de Olympische Spelen deel te nemen en slaagt er daarbij in om een medaille van welke metaalsoort ook weg te slepen? Ik weet wel dat topsporters komen om te winnen, maar een beetje meer bescheidenheid en respect voor anderen zou wel prettig zijn.
Dit geldt bovenal voor het verwende volk dat geen enkele matiging kent en de lat steeds hoger legt om de verveling te verdrijven.

Monk
20 februari 2014
(foto: Monk)
*Bron: AD.nl 2014-02-19

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.